Berger de Beauce

FCI standaard Nº 44

Land van oorsprong
Frankrijk
Vertaling
Beauceronclub Nederland mw. N.B. Langereis en J. de Gids
Groep
Groep 1 Herdershonden en veedrijvers (met uitzondering van de Zwitserse Sennenhonden)
Sectie
Sectie 1 Herdershonden
Werkproef
Met werkproef
Definitieve erkenning door de FCI
maandag 25 november 1963
Publicatie van de geldende officiële norm
dinsdag 01 augustus 2023
Laatste update
dinsdag 19 september 2023
En français, cette race se dit
Berger de Beauce
In English, this breed is said
Beauce Sheepdog
Auf Deutsch, heißt diese Rasse
Berger de Beauce
En español, esta raza se dice
Pastor de Beauce

Gebruik

Herdershond en bewaker van de kudde.

Kort historisch overzicht

Hond van Beauce, beauceron en roodkous zijn namen die aan het eind van de 19e eeuw ontstaan zijn om de oude Franse herdershonden van de vlakte te benoemen, die van hetzelfde type waren, met het gladde haar aan het hoofd, de stugge en korte vacht en met gecoupeerde oren. Het lichaam had brand -aftekeningen, met name aan de uiteinden van de vier benen, dat ertoe heeft geleid dat de fokkers deze honden in die tijd roodkousen zijn gaan noemen. De meest voorkomende vacht was zwart met brand, maar er waren ook grijze honden of geheel zwarte, zelfs geheel roestbruine. Deze honden werden gefokt en geselecteerd op hun aanleg voor het drijven en bewaken van de schaapskudden.

Algemeen totaalbeeld

De beauceron is een grote hond, rustiek, stevig, krachtig, goed gebouwd en gespierd, maar zonder lomp te zijn.

Belangrijke verhoudingen

De beauceron is gemiddeld van verhouding. De lengte van het lichaam, van boeggewricht tot zitbeen moet iets groter zijn dan de schofthoogte.
Het hoofd is lang: 2/5 van de schofthoogte. De breedte van de schedel en de hoogte van het hoofd zijn iets minder dan de helft van de lengte van het hoofd. De schedel en snuit zijn van gelijke lengte.

Gedrag en karakter (aard)

Vrij bij benaderen en zonder vrees. De uitdrukking is vrijmoedig, nooit vals, noch schuw noch onrustig. Het karakter van de beauceron moet braaf en onverschrokken zijn.

Hoofd

Bovenschedel

Hoofd
Het hoofd is goed besneden met harmonische belijning. Van opzij bekeken lopen de bovenbelijning van de snuit en de schedel zowat parallel.
Schedel
Vlak of licht gerond van de ene zijde naar de andere. De middengroef is slechts licht aangegeven, de achterhoofdsknobbel is zichtbaar op de top van de schedel. 
Stop
Slechts licht aangegeven en ligt op gelijke afstand van de achterhoofdsknobbel en de neuspunt.

Facial region

Neus
In verhouding tot de snuit, goed ontwikkeld, nooit een hazenlip en altijd zwart.
Voorsnuit
Noch smal noch puntig.
Lippen
Stevig en altijd goed gepigmenteerd. De bovenlip moet de onderlip bedekken, zonder enige vorm van losheid. In de mondhoek moeten de lippen een zeer licht zakje vormen dat altijd stevig moet zijn.
Kiezen / tanden
Scharende sterke tanden.
Ogen
Horizontaal, licht ovaal van vorm. De iris moet donkerbruin zijn en in geen geval lichter dan donker hazelnootkleurig zelfs wanneer de brand licht van kleur is. Bij de arlequin variëteit zijn blauwe ogen toegestaan.
Oren
Hoog aangezet. Zij worden rechtop staand gedragen, wanneer zij gecoupeerd zijn, noch naar elkaar toe noch uit elkaar staand, de toppen licht naar voren wijzend. Het goed gedragen oor is dat, waarvan het midden op een denkbeeldige lijn staat, die in het verlengde van de hals loopt. Ongecoupeerde oren worden half rechtop staand of hangend gedragen. Zij mogen niet plakken. Zij zijn vlak en nogal kort. De lengte van het ongecoupeerde oor moet de helft van het hoofd beslaan.

Hals

Gespierd, van goede lengte, harmonisch verlopend in de schouders.

Lichaam

Schoft
Duidelijk zichtbaar.
Rug
De rug is recht.
Lendenpartij
De lenden is kort, breed en goed gespierd.
Croupe
Het kruis is slechts licht hellend.
Borst
De borstomvang is meer dan 1/5 groter dan de schofthoogte. De borstkas reikt tot de elleboog. Hij is breed, diep en lang.

Staart

Gaaf, laag gedragen, tenminste tot de hak reikend, zonder naar links of rechts af te buigen, in een lichte haak in een J vorm gedragen. In actie mag de staart hoger gedragen worden, in het verlengde van de bovenbelijning.

Ledematen

Voorhand

Algemeen
Recht, zowel van voor als van opzij bekeken.
Schouders
Schuin en van een gemiddelde lengte.
Onderarm
Gespierd.
Voorvoeten
Stevig, rond en gesloten. De nagels zijn altijd zwart. De kussens zijn hard maar desondanks veerkrachtig.

Achterhand

Algemeen
Recht, zowel van achter als van opzij bekeken.
Dijbeen
Breed en gespierd.
Achtermiddenvoet
Moet bijna verticaal, iets achter de punt van het zitbeen, staan.
Spronggewricht
Fors, niet te dicht bij de grond geplaatst, de hoek grofweg op/ van de schofthoogte, een goed geopende hoek vormend met het onderbeen.
Achtervoeten
Stevig, rond en gesloten. Wolfsklauwen: De herders zijn traditioneel gehecht aan het behoud van de dubbele hubertusklauwen. De wolfsklauwen vormen goed gescheiden "duimen" met nagels, nogal dicht aangezet bij de voet.

Gangwerk

Soepel en vrij. De ledematen bewegen goed eensporig. De beauceron moet een wijde draf met een uitgrijpende beweging hebben.

Coat

Haarkwaliteit
Glad aanliggend op het hoofd, kort, dik, stevig en het ligt dicht tegen het lichaam aan, 3 tot 4 cm lang. De achterzijde van de dijen en de onderzijde van de staart zijn licht maar persé bevederd. De ondervacht is kort, fijn, dicht en donzig, bij voorkeur muisgrijs, zeer gesloten en is niet zichtbaar door de dekvacht.
Haarkleur
Zwart met brand (zwart met roestbruine aftekeningen) :
Roodkousen. Het zwart is diepzwart en de brand, eekhoornrood gekleurd.
De brandaftekeningen zijn als volgt verdeeld:
• Vlekken boven de ogen.
• Aan de zijkanten van de snuit, geleidelijk verlopend op de wangen, nooit tot onder het oor reikend.
• Op de borst, liefst twee vlekken.
• Op de keel.
• Onder de staart.
• Op de benen, geleidelijk naar boven verdwijnend, in geen geval meer dan een derde van het been bedekkend en aan de binnenzijde van het been wat hoger oplopend.
Arlequin (blauw gevlekt met roestbruine aftekeningen):
Grijs, zwart met brand, de vacht is in gelijke delen grijs en zwart, de vlekken goed verdeeld, soms overheerst het zwart. De brandaftekeningen zijn gelijk aan die bij de zwart met brandvariëteit.
Een flauwe witte vlek op de voorborst is toegestaan.

Maat en gewicht

Schouderhoogte
Reu van 65 cm -70 cm, teef van 61 cm - 68 cm.

Defecten

• Elke afwijking van de voorgaande punten moet worden beschouwd als een fout en de ernst waarmee de fout aangemerkt moet worden, in verhouding staan ​​tot de mate en het effect ervan op de gezondheid en het welzijn van betreffende hond en zijn vermogen om zijn oorspronkelijke werk te kunnen verrichten.
• De vermelde fouten moeten in ernst zijn.

Defecten die leiden tot uitsluiting

 Agressief of overdreven schuw.
 Schofthoogte afwijkend van de door de standaard gestelde limiet.
 Te licht bone.
 Ogen te licht, of blauwe ogen (behalve bij de arlequin).
 Gespleten neus, anders gekleurd dan zwart, ongepigmenteerde vlekken.
 Bovenvoorbijter of ondervoorbijter met contactverlies, ontbreken van drie of meerdere elementen (de eerste premolaren niet meegeteld).
 De ongecoupeerde oren stijf rechtop gedragen.
 Extreem uitgedraaide achtervoeten.
 Enkele hubertusklauwen of het ontbreken van de hubertusklauwen aan de achterbenen.
 Ingekorte of over de rug gedragen staart.
Vacht :
 Kleur en samenstelling anders dan in de standaard gedefinieerd.
 Ontbreken van brandaftekeningen.
 Ruige vacht.
 Een scherp afgetekende witte vlek, duidelijk zichtbaar op de borst.
Bij de arlequin variëteit :
 Teveel grijs, zwart aan een kant en grijs aan de andere, hoofd geheel grijs (afwezigheid van zwart).

NB :

• Elke hond die duidelijk lichamelijke of gedragsafwijkingen moet worden gediskwalificeerd.
• De gebreken hierboven vermeld, wanneer zij zich voordoen in een zeer duidelijke graad of frequent, zijn diskwalificerende.
• Reuen moeten twee duidelijk normaal ontwikkelde testikels hebben die in de balzak zijn ingedaald.
• Alleen functioneel en klinisch gezonde honden, met rastypische bouw moet worden gebruikt voor de fokkerij.

Bibliografie

http://www.fci.be/

 

Gedetailleerde geschiedenis

In tegenstelling tot wat de officiële naam doet vermoeden, wordt Beauceron, of Bas-Rouge, niet meer in Beauce geboren dan Briard uit Brie. Deze appellaties zonder wetenschappelijke waarde werden aan het eind van de vorige eeuw alleen bewaard omdat ze op een gemakkelijke manier twee honden konden onderscheiden die afkomstig waren uit dezelfde zeer oude oorspronkelijke groep, die van de Franse herders van de vlakte. Anders in hun morfologie en in hun kleding; de een was nogal langharig en de ander nogal kortharig; deze twee variëteiten waren ontwikkeld om tegemoet te komen aan verschillende behoeften, zoals dit uit 1809 door Abbé Rozier gepubliceerde uittreksel uit de Cours d'agriculture uitlegt: "In laaglandlanden, op open hellingen en in dag van de wolveedieren, is de hond van Brie degene die wordt gebruikt. Voor de landen van hout of berg, heuvelachtig of bezaaid met dikke struiken en voor de nachtwaker, eindelijk voor alle plaatsen en de momenten die de vraatzucht van de wolven begunstigen, zullen de herders zich bij de hond van Brie moeten voegen, robuustere verdedigers, Mastiffs van een sterke race. Een goede man is snel, stoutmoedig, in staat om een ​​wolf aan te vallen en te doden."

En de abd achtervolgd, ons de eerste precieze beschrijving van wat de voorouder van onze Beauceron zou kunnen zijn: "Deze kwaliteiten worden gevonden in de mastiffs die zijn voorzien van dik haar, de zwarte ogen en de neusgaten, de lippen van een donkerrood, met een sterke kop, een breed voorhoofd, een grote kraag, grote benen, spreidende vingers, harde en korte nagels. De opvoeding van deze hond is niet hetzelfde als die van Brie's hond. Ze moet hem animeren in een gevecht."

Uit het voorgaande moet niet worden afgeleid dat de twee "rassen" beschreven door Vader Rozier al vast waren. Integendeel, de grootste verscheidenheid; om niet te zeggen de grootste heterogeniteit; dan moest regeren in elk van hen. Maar het is duidelijk dat een efficiënte, hoewel empirische vorm van fokken al lang werd toegepast door herders en veehouders, wat leidde tot de creatie van twee verschillende honden, speciaal voor het gedrag van de kudde en, voor de andere, de bewaking en verdediging. De eerste Franse hondenexpositie, georganiseerd in 1863 in de Jardin d'acclimatation in Parijs als onderdeel van de Wereldtentoonstelling, was in dit opzicht zeer onthullend, zoals blijkt uit het officiële verslag dat bij deze gelegenheid is geschreven door M. de Quatrefages, vooraanstaand lid. van het Instituut, waarin staat: "De variëteit met het grootste aantal individuen was die van deze grote honden, met rechte oren, met zwart haar en reekalf, die alle vormen van de wolf hebben die ze worden genoemd vechten. Twee personen vertegenwoordigden de prikkeldraad-variëteit. Dit zou natuurlijk Brie's hond zijn."

Dit onderscheid tussen de Briard en deze andere hond, niet genoemd maar waarvan we het gevoel hebben dat het alleen de prefiguratie van onze Bas-Rouge kan zijn, wordt twintig jaar later herhaald door Pierre Mégnin in zijn beroemde boek The Dog, history, hygiene , medicijn. Megin, een militaire dierenarts wiens werk aan de Franse herders net zo bepalend was voor deze rassen als het onderzoek van een von Stephanitz over de Duitse herder of een heim over Zwitserse bouviers, citeert in feite naast de hond Brie een variëteit "large; tot 75 cm; middellange, tawny onder, bruin of bijna zwart op de rug en op het hoofd".

In 1888 introduceerde Mégnin in de kolommen van de L'Eleveur die hij zelf maakte, voor de eerste keer de naam "Berger de Beauce" om het oude type met kop en scherpe randen te beschrijven. In 1893, in een lezing uitgesproken in de Society of Acclimatization, gebruikt hij opnieuw deze term en verklaart: "We hebben in Frankrijk ten minste vier rassen van herder: de oude Franse herdershond, die we hond van Beauce hebben genoemd, de hond van Brie, de hond van de Languedoc en de hond van de Alpen of de Pyreneeën."

Vanaf deze datum georganiseerde hondenshows gebruiken deze terminologie en bieden daarom twee categorieën, één voor langharige onderwerpen en de andere voor kortharige honden. Maar het was pas in 1896 dat er bezorgdheid was om het type in elke variëteit te verenigen, en dat werd gevormd op instigatie van een zekere Sauret, industrieel van Elbeuf gepassioneerd over het werk van Mégnin, een commissie belast om de kwaliteiten te bepalen die moeten worden opgelost in de eenvoudige Franse herders. Verzameld in de grote hal van de slachthuismarkt van La Villette onder het voorzitterschap van een fokker, Emmanuel Boulet, bestond deze commissie uit prominente persoonlijkheden, waaronder MM. Menaut, inspecteur-generaal bij het Ministerie van Landbouw, Dechambre, hoogleraar Dierwetenschappen bij de Alfort Veterinary School, Edwars, directeur van het Museum of Natural History, en veel dierenartsen, fokkers en boeren. Bij deze gelegenheid werden de namen Berger de Beauce en Berger de Brie definitief goedgekeurd.

Een jaar later richtte Emmanuel Boulet de Franse Club van de herdershond op, met de steun en subsidies van het ministerie van Landbouw, en keurde hij een eerste standaard Beauceron goed, ook vrij ver van die welke we vandaag kennen 'hui. Als het officiële normen vastlegt, verdwijnt deze standaard niet, en tot in de jaren twintig zullen amateurs en fokkers zich op veel punten verzetten, in het bijzonder de lengte en de textuur van het haar, de kleur van de jurk , en vooral de ideale grootte. De oprichting, op 24 april 1911, van de Vereniging van de vrienden van de Beauceron, op aandrang van een onbetwiste specialist, de heer Siraudin, en van twee beroemde dierenartsen, Doctors Héroult en Mégnin, maakt het mogelijk om de controverses en initieert de evolutie van de Beauceron in zijn soort vandaag: die van een "korte, dikke en soepele" hond met een redelijke omvang, zoals geschreven door Siraudin zelf in The Sheepdog of Beauce, een boek dat de bijbel van amateurs zou worden: "Probeer niet te groot te zijn, 0,65 m hoog is goed genoeg. Na deze stappen wordt de hond te groot voor een herder. Hij is zwaar en meer ongeschikt voor de dienst van de schildwacht."

In slaap gevallen tijdens de Grote Oorlog (conflict waarbij de Beauceron ook de legereenheden van dienst zal zijn als estafette, schildwacht, hondenpatrouille, aanval, tocht of zelfs medische hulp), hervat de Club haar activiteiten in 1920, onder impuls van Dr. Hérout en zijn president, de heer Dretzen. Een nieuwe standaard is geschreven door professor Paul Dechambre en is in 1921 goedgekeurd; het is de basis van de huidige.

De fokkerij zal daarom gestaag vooruitgang boeken, zowel in kwantiteit als kwaliteit van de geproduceerde producten. De Beauceron is nu een van de meest gewaardeerde honden in ons land, omdat deze voormalige jager van wolven en veehoeders zich heeft teruggetrokken in een beroep waar het werk niet faalt: dat van waakhond en verdediging, Hij is ook erg getalenteerd, omdat hij na een periode van "lege passage" verschillende titels van Frans kampioen heeft gewonnen in de gespecialiseerde wedstrijden. Resultaten tot op de maat van zijn primaire kwaliteiten: balans, moed en rusticaliteit.

Zoals alle herdershonden die echt werkten; of die nog steeds werken; de Beauceron is sterk, duurzaam, hardwerkend. Het tegenovergestelde als een dier in de woonkamer. Maar onder zijn ruige, zelfs verontrustende omstandigheden is hij in feite heel sociaal, nieuwsgierig, zonder overdreven wantrouwen, en hij weet onverschillig te staan ​​tegenover wat hem niet stoort of beangstigt. Begiftigd met een onafhankelijke aard, toont hij niet minder van een totale gehechtheid aan zijn meester. Het is nog steeds noodzakelijk dat de laatste zijn respect heeft verdiend. Met Bas-Rouge, misschien meer dan met andere honden, is het noodzakelijk om te weten hoe je kunt omgaan met onderscheidingsvermogen, vastberadenheid, beloning en straf.

Intelligent, met een perfecte herinnering, zal de Beauceron nooit de idiote dwang accepteren, maar hij zal het volbrengen zonder de moeilijkste missies te klagen, op voorwaarde dat hij het gevoel heeft zijn meester zo te behagen.

Moeten we ons verbazen over een dier wiens herders en herders ooit het toezicht op hun vee en hun boerderij vertrouwden? De Beauceron is een geboren voogd en wee degene die zal proberen binnen te komen zonder te worden uitgenodigd op het grondgebied dat hij verdedigt. De morfologie, de grootte, de kracht maken hem de meest effectieve en meest afschrikwekkende van de cerberers. Als je daar de natuurlijke rustiekheid van toevoegt, zodat je buiten kunt leven en slapen als je een comfortabele nis ontwikkelt, begrijpen we waarom het een van de meest populaire hondeneigenaars is. of geïsoleerde paviljoens. Het moet niet van huis worden gehouden en de toegang tot het ouderlijk huis niet systematisch weigeren. Zoals alle herdershonden, die per definitie altijd het leven van de mens hebben gedeeld, heeft de Beauceron de aanwezigheid van zijn meesters nodig. En het is door vanaf een jonge leeftijd naast hen te leven dat hij het noodzakelijke evenwicht zal vinden in zijn geluk en dat van zijn omgeving.

De Beauceron houdt niet van luiheid en zachtheid. Je kunt beter voorkomen dat je er een aanschaft als je een zittend leven in een appartement hebt. Deze hyperactieve sporter moet van nature nuttig zijn. Om een ​​tuin, een huis te houden, zijn meester te begeleiden naar zijn werkplek, zijn reizen en wandelingen, vrienden, om zijn medeplichtige te zijn in de uitoefening van zijn favoriete sport, biedt het dagelijks leven ons duizend-en-één kansen om hem te maken begrijp dat hij deel uitmaakt van het gezin en dat het gezin op hem vertrouwt.

Met de kinderen is de Beauceron terughoudend en gereserveerd, maar het is niet het gevulde leven dat de jongste aantrekt - een functie die het dichter bij de Duitse herder brengt. Aan de andere kant kan het een echte partner worden voor de ouderen, op voorwaarde dat ze begrepen hebben dat een hond geen speelgoed is, maar een dier begiftigd met een persoonlijkheid en een zekere autonomie.

De laatst bijgewerkte rassen

  • Cymric

    Cymric Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Cymric is een kattenras afkomstig van het eiland Man (Britse eilanden). Deze kat is de halflangharige variant van de Manx, die als bijzonderheid heeft dat hij geen staart heeft. Kort historisch overzicht Net als de Manx komt de Cymric oorspronkelijk van het Britse eiland Man. Toen de...
  • Colorpoint shorthair

    Colorpoint shorthair Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Colorpoint shorthair is een kattenras afkomstig uit Thailand. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door zijn colorpoint vacht en blauwe ogen. Kort historisch overzicht De oorsprong van de Colorpoint shorthair is dezelfde als die van de Siamees, omdat het hetzelfde ras is.Het...
  • Chantilly

    Chantilly Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Chantilly is een halflangharig kattenras dat in de jaren 1960 in de Verenigde Staten is ontstaan uit twee kittens van onbepaald ras. Op de rand van uitsterven in de jaren 1980, werd het fokken nieuw leven ingeblazen in Canada. Het ras blijft erg zeldzaam en wordt slechts erkend door...
  • California Spangled

    California Spangled Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Californian Spangled is een kattenras afkomstig uit de Verenigde Staten. Deze bedreigde kat wordt gekenmerkt door zijn luipaardachtige gevlekte tabby vacht. Kort historisch overzicht Paul Casey, een Amerikaanse scenarioschrijver, creëerde het ras in 1970. Hij was net terug van...
  • Braziliaanse korthaar

    Braziliaanse korthaar Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Braziliaanse korthaar, ook bekend als de Pelo Curto Brasileiro, is een kattenras dat oorspronkelijk uit Brazilië komt. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door het feit dat het het eerste internationaal erkende Braziliaanse ras is en uiterst zeldzaam is. Standaard De...
  • Japanse Bobtail

    Japanse Bobtail Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Japanse Bobtail is een kattenras afkomstig uit Japan. Deze kat wordt gekenmerkt door zijn korte, gekrulde staart. Kort historisch overzicht Het ras, wanneer schildpad en wit, staat bekend als de Mi-ké (drie haren = drie kleuren) in zijn geboorteland Japan, waar het wordt...
  • Kuril Bobtail

    Kuril Bobtail Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Kuril Bobtail is een kattenras afkomstig van de Kuril eilanden in Rusland. Deze kat wordt gekenmerkt door zijn zeer korte staart die een pompom vormt, het resultaat van een natuurlijke mutatie. Het ras bestaat in korthaar en langhaar variëteiten. Kort historisch overzicht Dit...
  • Blauwe Rus

    Blauwe Rus Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Blauwe Rus of Rus is een kattenras met een controversiële oorsprong, meestal beschouwd als een natuurlijk ras dat zijn oorsprong vindt in koude landen zoals Rusland en Scandinavië. De Blauwe Rus wordt vaak beschreven als een rustig ras dat erg gehecht is aan zijn eigenaar en is goed...
  • Balinais

    Balinais Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Balinais is een kattenras dat oorspronkelijk uit de Verenigde Staten komt. Deze middelgrote kat is de halflangharige variant van de Siamees. Standaard De Franse standaard schrijft voor dat de Balinais, hoewel hij fijn is, niet te mager mag zijn. Kort historisch overzicht De Balinais is...
  • Australian mist

    Australian mist Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Australian mist, ook bekend als de Spotted Mist, is een kattenras dat oorspronkelijk uit Australië komt. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door zijn kortharige vacht met een gevlekt tabby of blotched tabby patroon. Kort historisch overzicht De oorsprong van de Australian mist gaat...
  • Anatoli

    Anatoli Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Anatoli, ook wel Anatolische korthaar of Turkse korthaar genoemd, is een kattenras van Turkse oorsprong. Het is de kortharige variëteit van de Van Turk. Standaard Van de Anatoli wordt gezegd dat het een natuurlijk Turks ras is, net als de Van Turk en de Turkse Angora. De Anatoli werd in...
  • Californian rex

    Californian rex Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Californian Rex is een kattenras afkomstig uit de Verenigde Staten. Deze kat wordt gekenmerkt door zijn halflange, golvende vacht. Het is de halflangharige variëteit van de Cornish Rex. Kort historisch overzicht Zoals zijn naam al doet vermoeden, werd deze variëteit ontdekt in...
  • Cornish rex

    Cornish rex Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Cornish rex, ook wel bekend als de Cornish rex, is een kattenras afkomstig uit het Verenigd Koninkrijk. Deze kat wordt gekenmerkt door zijn zeer korte, ingekerfde en zachte vacht. Kort historisch overzicht De Cornish rex is ontstaan in Groot-Brittannië door spontane mutatie. De stichter...
  • Chausie

    Chausie Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Chausie is een kattenras afkomstig uit de Verenigde Staten. Deze kat wordt gekenmerkt door zijn lichaamsbouw, die lijkt op die van de Chaus. Kort historisch overzicht De Chausie is het resultaat van een kruising tussen een Chaus en een huiskat. De eerste kruisingen werden gemaakt aan het einde...
  • Chartreux

    Chartreux Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Chartreux, ook wel bekend als de Chartreux kat, is een kattenras afkomstig uit Frankrijk. Deze kat wordt gekenmerkt door gouden tot koperen ogen en een korte, volle vacht van blauw. Kort historisch overzicht De Chartreux is een van de oudste zogenaamde natuurlijke kattenrassen ter wereld...
  • Ceylan

    Ceylan Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Ceylan is een kattenras afkomstig uit Sri Lanka. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door zijn gevlekte tabby korthaar. Kort historisch overzicht Het was een Italiaan, Dr Paolo Pellegatta, die in 1984 half-wilde ticked katten (zoals de Abyssin) ontdekte in Sri Lanka (voorheen Ceylan). Met de...
  • British longhair

    British longhair Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De British longhair is een kattenras afkomstig uit Engeland. Deze middelgrote tot grote kat is de halflanghaarvariant van de British shorthair. Kort historisch overzicht De British longhair is een directe afstammeling van de Brits korthaar en hun geschiedenis was identiek tot het einde...
  • American Wirehair

    American Wirehair Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De American Wirehair is een kattenras afkomstig uit de Verenigde Staten. Deze kat wordt gekenmerkt door zijn gekrulde vacht. Kort historisch overzicht Dit ras stamt af van de American Shorthair. Hij kwam voor in een nest Amerikaanse kortharen in 1966 in de staat New York. Een van de...
  • American Shorthair

    American Shorthair Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De American Shorthair is een kattenras afkomstig uit de Verenigde Staten. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door zijn winterharde type. Kort historisch overzicht Dit ras stamt rechtstreeks af van de straatkatten die door Europese kolonisten werden meegenomen om graanvoorraden...
  • American Curl

    American Curl  Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De American Curl is een kattenras afkomstig uit de Verenigde Staten. "American Curl" betekent "gekrulde Amerikaan", wat verwijst naar de oorsprong van het ras (de Verenigde Staten) en de typische vorm van de oren. Kort historisch overzicht Het eerste exemplaar was een langharige...
  • American Burmese

    American Burmese Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Amerikaanse Birmaan is een kattenras afkomstig uit Birma en ontwikkeld in de Verenigde Staten vanaf de jaren 1930. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door zijn sepiakleurige vacht. Hij verschilt vooral van zijn Engelse tegenhanger door zijn gezicht en ronde ogen. Standaard De...
  • English Burmese

    English Burmese Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Engelse Birmaan of Europese Birmaan is een kattenras dat afstamt van de Amerikaanse Birmaan en vanaf de jaren 1950 in het Verenigd Koninkrijk is ontwikkeld. Deze middelgrote kat wordt gekenmerkt door zijn sepiakleurige vacht. Hij verschilt vooral van zijn Amerikaanse tegenhanger...
  • Turkish Angora

    Turkish Angora Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De Turkse Angora is een halflangharig kattenras afkomstig uit Turkije. Een natuurlijk ras dat veel succes had in de 18e eeuw, maar deze middelgrote kat is vandaag de dag nog steeds weinig bekend, ondanks zijn grote esthetische kwaliteiten en karakter. Standaard De standaard is geëvolueerd sinds de...
  • British shorthair

    British shorthair Vertaling Francis Vandersteen Land van oorsprong De British shorthair is een kattenras afkomstig uit Groot-Brittannië. Deze middelgrote tot grote kat wordt gekenmerkt door zijn zeer ronde kop en grote ronde ogen. Kort historisch overzicht Tegelijkertijd selecteerden Engelse fokkers zoals H. Weir de mooiste straatkatten, die in 1871 voor het eerst...